De kunst van het fotobespreken

In dit artikel kijk ik terug op anderhalf jaar fotobespreken aan de hand van onze Handreiking Fotobespreken. Die was gemaakt op basis van het boek 'Over foto's gesproken' (Hans Brongers en Simon Ophof, Bond van Nederlandse Amateur Fotografen Verenigingen, 2011).

Terugblik: de ervaringen tot nu toe

Een CFC-clubgenoot zegt dat je je foto's aan veel mensen moet laten zien. De gedachte daarachter is, dat je van verschillende mensen verschillende meningen over je foto's te horen krijgt, waarbij gefundeerde kritiek minder fijn is dan lof, maar wel nuttiger omdat de kans groot is dat je er van leert. Bedenk, dat niet alleen het geven van een mening over een foto (het fotobespreken) geoefend moet worden, ook het ‘incasseren’ van commentaren behoeft oefening.

Het formuleren van een oordeel over andermans foto vraagt enige vaardigheden in de sociale omgang, ervaring in het lezen van beelden en enige kennis van de fotografie. Hoe geef ik een integer commentaar op de foto zonder de fotograaf te kwetsen, hoe geef ik kritiek die een weloverwogen oordeel bevat en die niet dusdanig oppervlakkig is dat de fotograaf daar niets aan heeft?

Hans Brongers en Simon Ophof hebben in hun prachtige boek 'Over foto's gesproken' (Bond van Nederlandse Amateur Fotografen Verenigingen, 2011) moeite gedaan om kennis aan te dragen en oefenstof te leveren voor het bespreken van foto's, juist om de mogelijkheden van de fotoclubs te vergroten om op voor eenieder acceptabele wijze foto's besproken te krijgen en de eigen fotografie verder te ontwikkelen. Met het boek leer je kijken en vooral bespreken.

Op basis van dat boek zullen in den lande ongetwijfeld veel samenvattingen en schema’s zijn gemaakt. Ook wij hebben in de Culemborgse Fotoclub Lek en Licht (CFC) een handreiking ontworpen die de kunst van het fotobespreken samenvat op één A4, Handreiking Foto’s bespreken. We leunen daarbij op de vier pijlers die Brongers en Ophof definiëren.

De werking van een 'lijstje'

Het voordeel is dat we eenvoudig kunnen beginnen: wijs nu eerst maar eens aan wat je op de foto ziet, zonder meteen in de oordeel-modus te schieten. Stel dat oordeel uit tot je goed hebt gezien wat er op de foto is afgebeeld en tot je hebt geanalyseerd wat voor fotografische elementen er in zijn verwerkt. Pas daarna begint het interpreteren van de inhoud en het vormen van een oordeel. Als je hardop verslag doet van wat je ziet, welke beeldelementen je aantreft, welke boodschappen en betekenissen je meent te herkennen, zal je uiteindelijke mening over de foto beter gefundeerd zijn en - niet onbelangrijk - makkelijker te accepteren voor de fotograaf. Het nadeel is, dat als je van vele foto’s hebt benoemd wat er op staat, het benoemen een onbevredigende routine wordt.

Wat belangrijker is: de rol van de fotograaf blijft in deze werkwijze hopeloos onderbelicht; in het volgende artikel hoop ik dat op te lossen.

Het aanwijzen van hetgeen zichtbaar is op de foto gaat nog wel goed. Na enig oefenen komen veelal ook de beeldelementen voor het voetlicht. Interpreteren is al moeilijker. In de praktijk hanteren we de beeldelementen en de invalshoeken voor interpretatie te veel als meerkeuze-lijstjes, terwijl de bedoeling van een fotograaf niet te raden is uit een lijst en toch echt uit de foto moet komen. Kortom: de handreiking wordt te rigide door de wijze waarop we die gebruiken. Hij komt te ver af te liggen van wat mensen beleven. Hij lijkt ook te theoretisch voor gebruik in een fotoclub (connotatie, punctum, expressionisme, formalisme).

Over het doel van een foto

Het kan verhelderend zijn om te gissen naar het doel waarvoor een foto is gemaakt. Het doel verklaart soms waarom een foto bestaat, wat de betekenis is, waar het zwaartepunt ligt. De verkenning van het doel kan helpen het wezenlijke onderwerp te bepalen.

Sommige foto's hebben wellicht geen doel; in de hobbyfotografie is een bewust, vooropgezet 'doel' aan de zijde van de fotograaf vaak niet aan de orde. Je kunt dan hooguit proberen achteraf vast te stellen in welke van de doelen de foto thuishoort.

Een probleem is, dat de doelen in de oude Handreiking (hieronder, rechter kolom) waren afgeleid van het werk van de linguïst Roman Jakobson. De door hem geïnventariseerde communicatieve functies van taal werden naar mijn smaak geforceerd en niet op alle punten succesvol vertaald naar drijfveren voor fotografie. Ik heb me afgevraagd hoe het kwam dat het veel te theoretische resultaat maar moeilijk bruikbaar is in de wereld van de fotoclub. Daarvoor moet je terug naar de bron, zover die te vinden is.

De redenering zal zijn geweest: taal is communicatie > fotografie is ook een vorm van communicatie > dus de communicatieve functies van taal zijn te vertalen naar drijfveren voor fotografie. Een paard is en dier, een huismus ook, dus een mus zal ook wel vier poten hebben. Met name op de punten aesthetic/poetic, phatic en metalingual ga je dan de mist in.

In de tabel hieronder vergelijk ik de oorspronkelijke inventarisatie volgens Jakobson (althans de weergave in Wikipedia) met de veronderstelde drijfveren voor fotografie, die naar mijn smaak te kort schieten.

Conclusie: dit lijstje is niet geschikt om doelen of drijfveren van fotografie te inventariseren. In het nieuwe schema gaan we uit van andere doelen.

Het formuleren van een oordeel

Aan het bedenken en geven van een oordeel komen we door het kunstmatige uitstel zelden toe. Het staat letterlijk en figuurlijk achteraan in de lijst. En het is moeilijk.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we de aanbeveling van Brongers en Ophof een gespreksleider aan te stellen, niet hebben opgevolgd. Er was geen derde persoon die de bespreker op koers kon houden in diens krachtenveld met foto en fotograaf en die door het stellen van de juiste vragen kon bijsturen als de discussie wat strakker mocht verlopen of de bespreking meer diepgang kon gebruiken. Of dat veel verschil zou hebben gemaakt...

In de Fotofilosofen, dat is één van de werkgroepen van de CFC, hebben we na bijna anderhalf jaar intensief experimenteren met de vier pijlers besloten die los te laten. De analyse-op-recept liet te weinig ruimte voor de emotie die een foto oproept bij eerste confrontatie. Die eerste indruk moet meer ruimte krijgen, die hadden we wat gemist door de systematiek van de vier pijlers, hoe nuttig die voor een beargumenteerde bespreking ook is.

We gaan proberen wat het oplevert als we bij de laatste pijler beginnen, op eerste indruk reageren en daarna pas checken of de eerste emotie - bij nadere beschouwing van de inhoud van de foto - ook echt de juiste was. Draagt de foto de aanvankelijk opgewekte gemoedsbeweging? Voeg daar aan toe dat (bijna) niets is wat het lijkt... Als je dat als uitgangspunt neemt, kunnen er heel verrassende benaderingen en overwegingen ontstaan. Mogelijk komen we dichter bij hetgeen een foto spannend, boeiend of intrigerend maakt.

In het volgende artikel

Hierboven beschrijf ik hoe een checklist voor het bespreken van foto's leidt tot rigide gebruik, en voorts hoe het uitstellen van een oordeel en het buiten beeld laten van de fotograaf tot problemen leidt.

In het volgende artikel combineer ik de bevindingen van de eerste twee artikelen in een nieuw schema voor het kijken naar foto’s. Ik zal dat schema publiceren op de download-pagina.

Noot: de hierboven besproken Handreiking publiceer ik met opzet niet, juist omdat we die loslaten.